Sla een reisbrochure open, klik een travelsite aan en er staat bij bestemming Cuba op elke foto pontificaal een oldtimer. Ja ja, dacht ik…

Toeristenlokkertjes, commeriële meuk. Er zullen er vast wel een paar in het oude centrum van Havanna rijden. Leuk hoor, voor in ‘t fotoalbum. Ik tuin er niet in!

Eenmaal op de luchthaven van Havanna zag ik de eerste klassieker luidruchtig en hikkend voorbijkomen. Onderweg naar ‘t hotel moest ik mijn vooroordeel al bijstellen. Het barst namelijk van oude Amerikanen. Sommige auto’s shiny en anderen oud en barrelig. We reden zelfs een poosje achter een oude Hollandse bus.

Vrachtwagens die je alleen in een film met Humphrey Bogard verwacht, tractoren uit de fifties. Motoren met zijspan, die het in ‘t museum niet slecht zouden doen. Brommers van het type waar mijn broers vroeger aan knutselden. Het meest verrast was ik toen een gele bus voorbij snorde, bestemming Bergambacht! En ik had een smile van oor tot oor toen ik de één na andere Fiat 126 zag. Mijn allereerste autootje, een koekblik. Mijn collega’s hadden ‘t 35 jaar geleden gekscherend over mijn ‘rugzak’.

Of we een rit in een open oldtimer wilden maken…

Nou, daar hoefde ik geen halve seconde over na te denken. Gelukzalig streek ik naast de chauffeur neer. Luid toeterend vertrok de colonne van zes sleeën uit oud Havanna. Halverwege stopten we bij een idylisch parkje. Natuurlijk liet ik me stoer achter het stuur fotografen.

En staks thuis? Stap ik weer achter het stuur van onze Ford Mondeo, een auto op leeftijd. Over een poosje is ‘t ook een oldtimer!