‘Op een boot is het werk nooit af… Telkens als je denkt dat alle klussen geklaard zijn, sta je weer voor verrassingen’, zei Hans een poosje geleden. Die boodschap ging bij mij het ene oor in, het andere weer uit. Het zou zo’n vaart niet lopen, vermoedde ik. Wel dus!

Okay, het badwater liep niet lekker weg. Maar na wat plompen borrelde het opstandige water het putje in. We hadden dan ook geen idee waar de grijs- en zwartwater tanks zich precies bevonden. Op de bouwtekeningen staat ’t namelijk niet aangegeven en de vorige eigenaar van Sea Life was nou niet bepaald behulpzaam. Bij de overdracht vorig jaar gaf ie in razend tempo én in een Franse stortvloed hier en daar wat uitleg.

Telkens leren we de boot wat beter kennen. Marc viste uit waar de pompen van de tanks zaten! Je gelooft ’t niet, maar ze zitten ónder een afstapje in de motorruimte. We hebben de oudjes dan ook gelijk vervangen voor stoere, degelijke nieuwe exemplaren. Joehoe, het bad liep daarna zonder gemor soepeltjes leeg. Probleem opgelost, zou je denken. Not…

Het bad blubte er na een poosje weer flink op los. Hoog tijd om weer onder het afstapje te duiken. Het bleek een probleempje met de flotter, zó gepiept. Maar aj, het badgeborrel was niet het enige protest van de flotter. De stewardessenhut, waar mijn GirlyStuff voorraad keurig in opbergboxen staat, was drijfnat! Soppend op de vloerbedekking ontdekten we dat de douchebak was volgelopen. En overstroomd…

Gewapend met een emmer en doeken dook ik ‘mijn hut’ in. Telkens gooide ik een microvezel doekje op de grond en ging er op staan. Als ie door mijn voetstappen doorweekt was, wrong ik ‘m weer boven de emmer uit. ‘Je lijkt wel een kip op zoek naar wurmpjes!’, grijnsde Hans. Maar het is gelukt! De vloerbedekking is nog een beetje vochtig, de patrijspoort staat open. En om te voorkomen dat ’t muf gaat ruiken, spray ik af en toe kwistig met een busje interieurspray. Dus als je bestelling naar roosjes ruikt, weet je hoe het komt!