En ja hoor, ik ben wéér naar Thailand afgereisd. Het zal de veertiende keer zijn. Misschien de vijftiende… Soms krijg ik de voorzichtige vraag of ik niet ’s naar een ander land zou willen. Tuurlijk, Cuba staat hoog op m’n bucketlist. Alleen al voor de fotografie van de sixties sfeer. En een rondreis Indonesië, van eiland naar eiland hoppen. En niet te vergeten een spannende safari, waarbij je The Big Five strak in de ogen kijkt.

Maar vooralsnog vlieg ik met grote regelmaat naar het land van de glimlach. Ik geniet hier 100% van de temperatuur met al z’n klammigheid, het ontzettend lekkere eten, ‘massaaaas madaaam!’, het drukke Bangkok, de relaxte muziek op Lonely Beach en ga zo maar door.

En wat is er nou leuker dan je zoon weer live zien? Frank en zijn collega wonen en werken in Jomtien. En verlangen niet terug naar Nederland, by the way. Dit is mijn ‘thuisbasis’, waar ik mijn grote koffer laat staan als ik naar Bangkok of Koh Chang ga. Dan slinger ik gewoon mijn handbagage over de schouder, net zo handig.

Woonden de mannen vorig jaar nog aan het strand van Na-Jomtien, nu hebben ze gekozen voor een riante woning in een buitenwijk. Prachtig, met kantoor en eigen zwembad. Het nadeel voor deze vakantieganger is dat er geen barst te doen is. Natuurlijk zit ik heerlijk bij het zwembad te lezen en te Wordfeuten, maar da’s leuk voor even… Ik wil de hort op, lekker naar het Jomtiense strand of over de avondmarkt banjeren.

Genereus stelt Frank me voor om zijn auto mee te nemen. Ammenooitniet! Links rijden tussen een wirwar van auto’s, taxibusjes, scooters en ventkarretjes. In een grote pick-up, waar het stuur aan de verkeerde kant zit!

Een scooter dan? Nope, vorig jaar kreeg ik nog klamme handjes van achterop zitten. Nu durf ik dat met grote nonchalance, maar zelf gemotoriseerd op pad is vers twee. Dé oplossing bleek een mountainbike!

’s Morgens gooien we ‘m in de laadbak van Franks auto als we buiten de deur gaan ontbijten. En op de boulevard knoop ik de bike met cijferslot aan een paal voordat ik neerstrijk op een strandstoel. Aan het eind van de middag stap ik op de fiets, tas op de rug. De route is kinderlijk eenvoudig; langs de boulevard, bij het politiebureau linksaf en immer gerade aus. Klamme handjes krijg ik nu alleen nog bij drie immense kruisingen, waar ik braaf tussen scooters, auto’s en vrachtwagens op groen licht sta te wachten. Wedden dat ik dít volgend jaar met de grootste nonchalance doe?

22 januari 2015