Aj, aj… op Suvarnabhumi Airport gaf de display met vertrektijden aan dat mijn vlucht naar Moskou met anderhalf uur vertraging zou vertrekken. Op zich niet zo erg natuurlijk, maar een rekensommetje vertelde me dat ik dan maar een half uur had voor de transfer naar Amsterdam. En da’s krap!

De Thaise grondstewardess verzekerde me dat ’t geen enkel probleem was. Mijn bagage werd stevig beplakt met ‘spoed’ stickers. Om ruim negen uur later het vliegtuig razendsnel te kunnen verlaten, kreeg ik een upgrade naar businessclass. Dit liet ik me met plezier aanleunen. In de brede stoel met voetenbankje genoot ik van een malse biefstuk. Het échte bestek was ook een feestje, geen geklooi met dubbelbuigend wegwerpbestek.

En inderdaad, de kist landde keurig op tijd. Maar er moest nog flink getaxied worden. En voordat die slurf aangekoppeld was… Ik kon niet anders dan naar m’n horloge staren. Nog een kwartier. Ik zag mijn geest al zweven, dat zou een nachtje Moskou worden… Eenmaal het vliegtuig uit, beende ik met grote passen door de corridors op zoek naar Gate 58. Ik heb wel zes keer ‘Excuse me’ gemompeld omdat ik weer iemand in het voorbijgaan mepte met m’n acht kilo handbagage.

Geen sterveling te zien bij Gate 58… In paniek keek ik naar een display, die juist op dat moment alle info in ’t Russisch liet zien. Barst, en nu? Vaag ving ik een bericht van een gatewisseling op. Nummer 53 dus! Godzijdank was de connecting flight ook vertraagd en kon ik nog nahijgend instappen.

De purser riep om dat we nog een ‘ten minutes delay’ hadden. De Bangkokse koffers werden namelijk nog overgeheveld van ’t een in ’t andere vliegtuig. Phoe, eind goed, al goed.

Nou, niet helemaal… De Schipholse bagageband spuugde maar enkele tientallen koffers uit. Daarna was ie ijzig leeg. Geen koffer voor deze vakantieganger. Met mij verdrongen zich nog zo’n twintig reizigers bij de ‘lost & found luggage’ balie. De één woest, de ander berustend. Ik schaarde mij onder de berustenden. Vorig jaar was mijn koffer in Kuala Lumpur blijven staan, nu in Moskou. ’t Went…

17 februari 2015