Het lijkt erop dat ik een vakantie-abonnementje op gekke dingen heb. Zo haalden Alil en ik gisteren Nathan op uit school en we besloten om fijn een massage te nemen. Ja hoor, een kindermassage was ook mogelijk bij O-Ring. Verheerlijkt installeerde de kleine man zich op het matrasje tussen ons in.

Na dit verwenuurtje taaiden Alil en Nathan af naar huis. Ik zou gaan struinen op de nachtmarkt en we spraken af om rond 20.00 uur een hapje te eten bij Khun Wut. Nathan is namelijk helemaal verslingerd aan ‘potato and rice’, de lekkere Massaman dus. Ik ben uitstekend geslaagd op de markt, echt ont-zet-tend leuke GirlyStuff baggy’s gevonden!

Ik was aan de vroege kant in het restaurant. Bestelde vast een wijntje en water, appte wat met een vriendinnetje. Ik sloeg het zwarte insect dat op m’n gezicht afraasde direct weg. Toch voelde ik een brandende, stekende pijn tussen mijn ogen en op m’n neus. Gatver, de rotzak had me twee keer gestoken! Het blokje ijs dat ik uit mijn water viste bracht weinig verlichting. De tranen liepen over mijn wangen.

Op dat moment liepen Frank, Alil en Nathan binnen, direct bezorgd toen ze mijn betraande gezicht zagen. Ik zwol op als een fluffy Gremlin. Nathan streelde mijn arm en zei zachtjes: ‘Oh, my broken oma!’ De apotheek op de hoek van de straat gaf me wat lapmiddeltjes.

Toch maar even naar het Bangkok Hospital, besloten we. Ik voelde me ellendig en heel zielig in het ziekenhuisbed op de Eerste Hulp. De arts was niet onder de indruk, het komt blijkbaar vaker voor. Daar knapte ik een beetje van op. Na een infuus waar wel vijf ampullen in leegespoten werden mocht ik twee uur later vertrekken. De kleine Nathan was in de wachtkamer in slaap gevallen.

Halverwege de nacht moest ik even naar toilet en schrok me te pletter van mijn spiegelbeeld. Een dicht, blauw oog en een enorme hamsterwang! Ben ik dat…? Vanmorgen zag ik er nog even charmant uit als vannacht. Zou ik straks wel naar Chiang Mai gaan? Ik twijfelde… Ik appte met Sang en ze zou ’t begrijpen als ik onze trip zou afblazen.

Ik zette alles even op een rijtje. De pijn was foetsjie, ik zag eruit als Quasimodo en Chiang Mai is zó mooi. Weet je wat, we gaan gewoon, appte ik Sang. Ze maakte een digitaal vreugdedansje. Met of zonder dikke toet, we gaan er een fijn weekend van maken!